Mijn grootvader

Grootouders bezoeken is iets waar je soms echt tijd moet voor vrijmaken. Van mijn vier grootouders is pépé (dat is de vader van mijn moeder) de enige die nog bij ons is. Hij is 88 en nog heel goed bij z’n verstand, leest tonnen boeken – hij schijnt het goed te doen met de dame van de lokale Standaard boekhandel.  Een flinke wandeling door de wijk is zeker nog aan hem besteed en hij neemt zelfs nog de auto voor boodschappen en korte autoritten. Hij is de vader van 13 kinderen, veel kleinkinderen en nu zelfs ook al 24 achterkleinkinderen - ’als je rap zijt kunnen jullie nummer 25 ter wereld brengen’. ’Ik zou mijn eigen leven zelf nooit voorspeld kunnen hebben vroeger’, zegt hij.

Ik had een vrije namiddag en dus besloot ik hem eens te bezoeken. ‘Ik ga eens passeren’, zei ik aan de telefoon. ‘Ha ja, passeren… ga ik je dan ook zien?’, was meteen z’n gevatte repliek. Ik herstelde me vlug en maakte hem duidelijk dat ik wel degelijk op bezoek wou komen. ’Kom maar af tussen twee en drie uur, het komt op geen kwartier’. Hij vindt het fijn dat er iemand op bezoek komt, maar kom niet onverwacht en kom ook niet te vroeg of te laat!

Door een overschatte reisafstand en een ongewoon vlotte verkeersafwikkeling arriveerde ik tien minuutjes te vroeg in z’n straat. Ik twijfelde of ik nog even zou blijven zitten in mijn auto of iets te vroeg zou aanbellen… Ik besliste dat het te stom was om zo voor z’n deur te wachten en belde aan, wat ik achteraf gezien misschien de volgende keer beter niet zou doen. Hij was wat uit z’n lood geslaan me zo ‘tierlijk’ al te zien verschijnen. Z’n koffiemachine en hijzelf waren duidelijk nog niet klaar voor bezoek en hij maakte me meermaals duidelijk dat het nog geen twee uur was, maar op den duur was het wel duidelijk dat hij me gewoon wat aan het jennen was. En als hij iemand een beetje kan doen gaan dan is pépé weer helemaal in z’n element. Nog even mee naar de keuken voor de koffie, de koekjes bovenhalen en pépé was er helemaal klaar voor.

Omdat grootvaders nu eenmaal zo’n pak geschiedenis met zich meedragen ontwikkelt het gesprek na de obligate informatie over de toestand van mijn zwangere vrouw zich al snel richting verleden. Het feit dat onze überwielerheld Merckx niet met de gebruikelijke egards verwelkomd zou worden op het WK wielrennen in Duitsland, omwille van zijn dopinggebruik is een handig opstapje om de West-Europese oorlogsgeschiedenis van de 20ste eeuw aan te boren.

‘Pearl Harbour’, zegt hij, ‘Moest Pearl Harbour niet aangevallen zijn door de Japanners, dan zou het anders gelopen zijn’, en hij zwijgt veelzeggend over het feit het hier dan beter of slechter geweest zou zijn. Alhoewel ik lichamelijk misschien nog dynamischer en elastischer ben dan mijn grootvader vergde het gesprek toch heel wat hersengymnastiek van mijnentwege met wulpse bokkensprongen in de tijd en snel opeenvolgende spreidstanden tussen oorzaken en gevolgen.

Toch begint naarmate het gesprek vordert de wereld zich te sluiten rondom hem. Hij is toch het meest bekommerd om de veiligheid in z’n straat. De kinderen die niet meer buitenspelen, de verfransing van z’n wijk, het drukke verkeer,… Het maakt de vraag of het vroeger beter was duidelijk overbodig. ‘Multicultureel’ spreekt hij uit alsof het een zure nasmaak heeft en hij lijkt grondig te twijfelen over de voedingswaarde van het product.

Toen hij mij wat vooruit hielp met mijn stamboom kwam de ontmoeting met z’n vrouw ter sprake. Ik vroeg hoe hij haar had leren kennen. ‘Och’, zei hij, ‘niet zo speciaal hoor, bij het uitgaan naar theater of zo denk ik’.  En dan voegde hij er met een kleine glimlach aan toe: ‘Er waren veel vrouwen hé’.  En weer liet hij het met een stilzwijgende veelzeggendheid –waar grootvader blijkbaar sterk in is- aan mijn verbeelding over wat hij daarmee bedoelde…

Gepubliceerd in: on zondag 30 september 2007 at 1600000047 Laat een reactie achter

Ik, afstammeling van Karel de Grote

Na alle losgeweekte emoties en oplaaiende commotie rondom het bewuste kindermeubel is de tijd nu weer aangebroken om rustig en sereen nog wat opzoekingswerk te doen rondom de voorvaderlijke geschiedenis van onze kleine spruit: het opstellen van een stamboom.

Gelukkig heb ik naast een mooi naslagwerk over mijn familienaam ook van mijn schoonfamilie een naslagwerk gekregen. Maar dan. Hoe maak je nu op een ordentelijke manier een overzicht van de familiegeschiedenis zonder daarin teveel achtertantes en grootomen te benoemen die de structuur te complex maken. Laten we eventjes duiken in de boeiende terminologiewereld van de genealogie.

In dit geval is ons ongeboren kindje de probandus (de persoon rond wie we een stamboomgewijs gaan werken). Stellen we de kwartierstaat op dan komen daar alleen ouders en grootouders, overgrootouders,… in voor. Iedereen die een plaatsje krijgt in de binaire boom wordt genummerd. De probandus of ‘kwartierdrager’ krijgt nummer 1 de papa 2, mama 3, papa van de papa 4, mama van de papa 5 enzovoort… N moet door de manier van nummeren altijd papa zeggen tegen 2xN en mama tegen 2xN+1. Ik zal dus de trotse drager woren van nummer 2 en mijn vader krijgt nummer 4.

Bekijken we dit wiskundig dan zien we een exponentiële (verdubbelende) groei van voorouders per generatie en dan is het ook niet verwonderlijk dat er ’kwartierherhalingen’ zullen ontstaan in iemands kwartierstaat. Dit zijn grootouders die op verschillende plaatsen voorkomen in de kwartierstaat, stel bv. dat je grootmoeders eigenlijk nichten zijn dan zullen hun grootvader en grootmoeder tweemaal in het verhaal voorkomen tesamen met heel hun voorvaderlijk gevolg.

Omdat er op den duur veel meer vacante plaatsen in een kwartierstaat zijn dan het aantal van de toenmalige wereldbevolking is het trouwens een statistische zekerheid dat iedere Europeaan afstamt van Karel de Grote, en iedereen in het Midden-Oosten van Mohammed. Ik stam statistisch zeker gewoonweg af van Karel de Grote! Wie had dat gedacht. Er ontspruiten zich al verbluffende genealogische verrassingen alvorens ik echt van start ben gegaan met mijn onderzoek. Dat belooft…

Gepubliceerd in: on maandag 24 september 2007 at 700000000 Laat een reactie achter

Stamboom

Wij krijgen een zoontje of een dochter. Wij weten wel al wat het is, maar daarnaast weet niemand het. Sommigen zijn serieus aan het vissen en dromen zelfs over het geslacht van ons kindje en dan moeten wij bevestigen of niet… Haha daar lopen we ook niet in.

Er stond in één van de talrijke zwangerschapsboeken die mijn vrouw aangekocht heeft (en met talrijk bedoel ik niet 5…) een goed idee, maak voor uw kleine eens een stamboom op. Goed idee vind ik, dat kleine mensje komt hier op aarde vallen zonder werk, zonder diploma, zonder papieren dan zijn we hem of haar toch wel een beetje uitleg verschuldigd over zijn of haar afkomst. Onlangs heb ik een werk over mijn stamboom op de kop kunnen tikken, gemaakt door één of andere naamgenoot (of bijna naamgenoot) en het is wel interessant maar eigenlijk geen boeiende leeslectuur. Honderden namen en datums. Tot 10 genaraties terug! Wat wel boeiend is zijn de kleine commentaren: bv. hoe iemand gestorven is of welk beroep die voorvader had. Ik zou veel liever de hobby’s of het beroep weten van die ene voorouder dan de droge geboortedatum en sterfdatum, maar ja meer is er niet overgeleverd. Misschien sprokkel ik wat verhaaltjes of de familie bijeen voor ons kindje dan droge gegevens. bv. Hoe hebben mijn grootouders elkaar leren kennen? Is dan niet boeiend? Wie zou dat weten? Kzal het eens navragen en ik hou jullie op de hoogte en misschien kan ik op die manier mijn steentje bijdragen aan de familieoverleveringen…

Gepubliceerd in: on vrijdag 24 augustus 2007 at 1100000021 Laat een reactie achter